Search

We Stood Like Kings

Na zijn knappe show in JH Splinter (review) vond ik het meer dan de moeite om contact op te nemen met We Stood Like Kings om wat meer uitleg te krijgen bij zijn unieke project. Pianiste Judith was zo vriendelijk even tijd te maken voor een interview met Grimm.

Allereerst bedankt om de tijd te nemen voor dit interview. We Stood Like Kings is in mijn ogen een redelijk uniek project dus laten we starten met wat info voor de lezers die jullie (nog) niet kennen: hoe omschrijven jullie zelf het concept rond wat We Stood Like Kings brengt?
Wij spelen live post-rock op stille films. Dit wil zeggen dat bij elk optreden de film geprojecteerd wordt, in de vorm van een filmconcert. Naargelang de zaal (cinema, rockpodium) krijg je een ander evenwicht tussen muziek en beeld.

Hoe zijn jullie op dit idee gekomen?
We zijn ermee begonnen op een voorstel van de cultuurdienst van de EhB (Erasmus Hogeschool Brussel). Iemand van hun team had de film “Berlin: Die Sinfonie der Großstadt” gezien, kende onze muziek en kwam naar ons toe met het idee om daar een nieuwe soundtrack voor te schrijven. We zijn op dat voorstel ingegaan, omdat we toen reeds op zoek waren naar iets visueels bij onze muziek. De premièrevoorstelling is dan enkele maanden later in RITS Cinema doorgegaan.

Zijn er naast We Stood Like Kings nog andere projecten die zoals jullie soundtracks maken bij oude/stille films? Voor mij was het alvast een vernieuwend idee.
Ja, het idee om muziek te maken bij stille films is niet nieuw, en komt oorspronkelijk van het begin van de 20ste eeuw. Toen waren alle films “stil” en werden ze altijd live begeleid (pianosolo, orkest…). Die traditie is deels verloren gegaan met de geboorte van de geluidsfilm, maar tot vandaag worden er livemuzikanten ingeschakeld bij voorstellingen van stille films uit die tijd. Wel proberen we binnen dit kader iets origineels te bieden op vlak van aanpak: bij ons vind je geen muzikale synchronisatie met wat op het scherm gebeurt. Wij kiezen voor de grote lijnen, en willen vooral de emoties en de energie van de beelden muzikaal weergeven.

Ik mocht jullie vorig jaar ontdekken tijdens een optreden in Jeugdhuis Splinter in Roosdaal ter promotie van jullie album ‘Berlin 1927’, een soundtrack bij Walter Ruttmans ‘Berlin: Die Sinfonie der Großstadt’. Afgelopen weekend zag ik jullie daar opnieuw aan het werk, maar in plaats van de zaal bij het jeugdhuis speelden jullie ditmaal op een groter podium in de theaterzaal met zeteltjes voor het publiek. Ik had alvast veel meer een echt cinemagevoel. Hoe was het verschil voor jullie?
Wij zijn het ondertussen heel gewoon geworden om in allerlei locaties te spelen. Van kleine en grote cinemazalen tot cultuurcentra en concertzalen die meer op rockmuziek gericht zijn. In het begin was het even wennen om het publiek zittend te zien. Nu hebben we dat even graag als andere zalen. De sfeer past zich telkens aan: een zittend publiek zal bijvoorbeeld bijna nooit klappen tijdens de film, wat wel vaker gebeurt in rockzalen waar het scherm kleiner is en het geheel iets meer om de muziek draait.

Heb je een voorkeur in wat voor type zalen je het liefste je voorstelling brengt?
Wij spelen overal graag, zolang het publiek maar open en mee is !

Wat is jullie raad aan toeschouwers die We Stood Like Kings komen ontdekken? Hoe ervaren ze best jullie show?
Ik denk dat iedereen zijn eigen keuze moet maken. Er zijn mensen die vooral naar ons kijken en de film eigenlijk meer als “decor” beschouwen, bij andere mensen is het net omgekeerd. Ik denk wel dat er veel informatie te verwerken is indien je beide elementen 100% wil meevolgen en dat is zeker mogelijk, en ook onze bedoeling dat beide werelden elkaar ontmoeten. Maar we hebben er geen probleem mee als iemand ervoor kiest om enkel naar de beelden te kijken.

Hoe lopen de shows ter promotie van het nieuwe album ‘USSR 1926’, een soundtrack bij ‘A Sixth Part of the World’ van Dziga Vertov tot nu toe?
We zijn heel blij! In november en december speelden we 25 shows in Europa, en voor 2016 staan er al een 20-tal voorstellingen op het programma. In september 2016 zullen we ook voor de eerste keer in Noorwegen optreden. Wij hebben het gevoel dat we na BERLIN 1927 toch een grote stap vooruit hebben kunnen zetten en hopen dit nog verder te kunnen brengen met het derde project waar we binnenkort aan zullen beginnen werken.

Ik zag ook enkel internationale data staan op jullie kalender. Vooral Duitsland lijkt wel fan te zijn van jullie project en stijl?
Het lijkt precies vlot te gaan in het buitenland, inderdaad. Dit is deels te danken aan het feit dat ons label (Kapitän Platte) in Duitsland gebaseerd is en op die manier krijgen we veel speelkansen in Duitstalige landen.

Hoe loopt het schrijfproces voor jullie als band? Spelen er constant fragmenten van de films tijdens repetities? Is het een collectief gebeuren of start de muziek van bij de piano die heel vaak het voortouw neemt in jullie nummers?
De film speelt constant tijdens repetities. Elk bandlid is vrij om ideeën naar voor te brengen, waar we dan samen op jammen, één oog op de beelden, één oog op het instrument. Op een bepaald moment weten we dat “het klopt”. Dan is het blijven puzzelen tot alle stukjes schoon elkaar aanvullen. De piano speelt inderdaad een leidende rol, omdat we denken dat het ons ook wat speciaal maakt binnen de post-rockscène, dat soort “klassiek” gebruik van het instrument in een rockcontext. Ik denk dat op de hele plaat een mooi evenwicht is van nummers die samen ontstaan zijn en andere stukken die eerst apart zijn gecomponeerd en daarna uitgewerkt in groep.

Ik wil graag even vergelijkingen maken met jullie vorige project ‘Berlin 1927’ en de nieuwe voorstelling ‘USSR 1926’. Wat mij het meest opviel was het dirigerende aspect van de Vertovs werk. De constante beschrijvingen van wat er te zien valt en het appellerende “You” gebruikt door Vertov. Het had vaak meer weg van een propagandafilm dan een pure documentaire. Vertaalde dit zich ook in jullie muziek?
Het politieke aspect van de film is onbetwijfelbaar. Maar is het niet zo overdreven dat het bijna ironisch wordt? We zullen nooit weten of Vertov een échte communist was. Alleszins had hij weinig keuze: artiesten in de Sovjet-Unie in die tijd moesten het regime loven of gingen ze de gevangenis in. Voor ons is de propaganda niet doorslaggevend geweest bij het componeren. Natuurlijk heb je dat gevoel van grootsheid dat wel inspirerend is en bij onze muziek past. Maar wat ons vooral aangetrokken heeft tot die film was het menselijke, het culturele erfgoed. Al die tradities van mensen die op allerlei manieren leven in zo’n groot territorium. Ook vonden we de op een idealistisch weergegeven gedachte “het kan samen ondanks de verschillen” heel interessant. Het blijft iets waar men dagelijks naar moet streven, ook hier en nu.

We kozen ook voor deze film omdat het past binnen de thematiek die we met BERLIN 1927 voorgelegd hebben. Opnieuw gaat het om een maatschappij die aan haar grootheidswaanzin binnenkort zal ondergaan.

‘Berlin 1927’ ging over een dag in het leven van één stad, Berlijn. Ditmaal schetst ‘USSR 1926’ een veel ruimer beeld van de hele Sovjetcultuur uit die tijd. Wat mij opviel was de enorme verscheidenheid aan culturen die getoond werd binnen de USSR. Het ging van het stadsleven naar de besneeuwde toendra en taigavlakten met rendieren in het noorden en Siberië tot de woestijngebieden nabij Azië inclusief kamelen. Gaf dit jullie ook de kans om breder of dynamischer te gaan werken?
De film was ongelooflijk inspirerend, en dankzij de ervaring die we opgedaan hebben met BERLIN 1927 konden voor USSR 1926 veel bewuster te werk gaan. Je hebt helemaal gelijk dat het ruimtegevoel van de film een invloed heeft gehad op de muziek. Wij probeerden dan ook een hele scala aan emoties, dynamiek weer te geven om deze moeilijke film zo goed mogelijk tot zijn recht te laten komen.

Hoe pakken jullie de keuze voor jullie filmprojecten aan? Ik gok dat jullie niet gewoon het filmmuseum binnenwandelen en maar wat films bekijken?
Wij kiezen volgens een aantal vrij praktische criteria (bvb. lengte en beschikbaarheid/betaalbaarheid van de rechten). Daarna is het vooral een kwestie van gevoel. Het internet, de collecties van filmmusea bieden ongelooflijke middelen om onderzoek te doen. Maar je moet inderdaad veel films bekijken voordat je iets vindt dat past. De keuze is erg belangrijk, want we hadden voor ons tweede project voor een film kunnen kiezen die veel bekender is. Toch vonden wij dat het interessanter was om die verrassende keuze te maken. We merken dat er veel vragen gesteld worden na onze shows en het is altijd fijn om te zien hoe zo’n film vandaag opgevangen wordt.

Wat zijn de toekomstplannen? Vorig jaar tijdens de promotie van 1927 kondigden jullie reeds 1926 aan. Zit er ook nu al een nieuw idee klaar? Iets uit 1925?
We zullen binnenkort aan een nieuw project beginnen werken. In ons wenslijstje staat inderdaad een film uit 1925 (“Grass : A Nation’s Battle for Life”), maar het kan zijn dat we een volledige andere richting uitgaan. We ontdekten onlangs een prachtige “stille” moderne film uit 1982, “Koyaanisqatsi”. Het thema van de film spreekt ons ongelooflijk aan en dit zal ons derde project worden indien we de rechtenkwestie in orde kunnen brengen. We hebben er alvast super veel zin in 😉

En daardoor kijk ik er alvast ook naar uit! Bedankt voor het interview, Judith!